Pindakaas... nl

Door tiefschwarz op donderdag 25 november 2010 15:00 - Reacties (7)
Categorie: -, Views: 3.478

Ik kijk zelden TV... Nou ja, meer specifiek, ik kijk zelden TV op de TV. Als ik iets wil zien, dan vind het meestal zijn weg naar het beeldscherm van mijn PC via mijn ethernetkabel. Ik zie daarom eigenlijk zelden reclame, maar die ene van Calvé is toch wel erg mooi... "Gij ken echt nie voetballe Pieterke"

Prachtig om te zien hoe Unilever op een eigentijdse manier invulling geeft aan het oude sentiment van de reclame met de jonge Evert van Benthem (...en schaatser!). Dat vind ik mooi vanuit het perspectief van mijn opleiding marketing die ik op een blauwe maandag heb afgerond, maar ook vanuit het verlengde van mijn laatsgenoten opleiding Law & Technology waarbij ik veel met intellectueel eigendom in aanraking ben gekomen.

Beetje vreemde verzameling is dat, het intellectueel eigendom. Want voor een verzameling rechten hebben ze inhoudelijk niet eens zo heel veel overeenkomsten. De voornamelijkste gemene deler is dat ze 'iets' beschermen wat eenvoudigweg niet anders te beschermen is. Vaak gaat het om informatie, iets dat eindeloos deelbaar is zonder verlies van kwaliteit en iets wat ook niet uit te sluiten is. Kom jij iets te weten waar ik jarenlang hard voor heb gewerkt om die kennis beschikbaar te maken, dan kan ik jou die kennis nooit meer ontnemen. Deelbaarheid is voornamelijk relevant bij auteursrechten. Uitsluiting is belangrijk voor octrooien. Maar ook het vastleggen van een herkennende factor, een woord- en/of beeldmerk, een kleur, een geluid, een vorm, is belangrijk voor een bedrijf dat zorgvuldig jarenlang een merk heeft opgebouwd, zodat niet langer iedereen er zomaar gebruik van kan maken.

Er zijn wat gemene delers, maar de afzonderlijke rechten voor octrooien, auteursrechten en merken zijn toch echt inhoudelijk erg verschillend. Je kunt ze dan ook als je in de branche werkt onmogelijk door elkaar halen. Sterker nog, deze basale kennis over Intellectueel Eigendom kun je in een kwartiertje opdoen. Gaat nooit mis...

Mijn verbazing was dan ook enorm toen ik op nu.nl een artikel las over het verkrijgen van een patent (octrooi) op het woord 'Face' door Facebook. Interessant juridisch materiaal, want het verkrijgen van een recht op een algemeen woord als 'gezicht' is niet onomstreden. Maar wacht even... een patent? Jammer van het woordgebruik, octrooi is de klassieke aanduiding en geniet de voorkeur, maar vooral jammer omdat het nergens op slaat.

Een octrooi dient kort (en onvolledig) gezegd ter bescherming van een uitvinding. Om een woord te registreren vraag je een merkrecht aan. Omdat beide rechten geregistreerd dienen te worden is daar in Amerika een instantie voor: het United States Patent and Trademark Office (USPTO). Nu is deze organisatie regelmatig het leidend voorwerp van al dan niet terechte kritiek op haar werkzaamheden, maar het is toch echt niet zo bizar slecht gesteld dat ze een patent gaan verlenen voor een woord.

Nee, het is toch echt een kapitale blunder van de dienend journalist. Het staat ongeveer gelijk aan het berichten dat Lays zijn chips gaat bakken op 32nm; dat Mark Rutte het prima naar zijn zin heeft als het nieuwe staatshoofd van Noord-Korea... Jammer Pietertje!

Ter lering en vermaak het hele artikel:
Facebook krijgt rechten voor gebruik 'face'

Uitgegeven: 24 november 2010 16:35
Laatst gewijzigd: 24 november 2010 16:55

AMSTERDAM – Facebook is een stap dichterbij het verkrijgen van de rechten voor het gebruik van het woord ‘Face’. Het Amerikaanse Patent Office heeft een bericht hierover naar de netwerksite verstuurd.

Dat schrijven verschillende Amerikaanse media.
Facebook heeft nu drie maanden de tijd om te reageren op de brief van het Patent Office en moet ook binnen die termijn de vergoeding betalen die gepaard gaat met het verkrijgen van het patent.

Concurrentie
Het lijkt vreemd om de rechten voor een woord dat zo breed gebruikt wordt in Engelstalige landen toe te schrijven aan een bedrijf. Het patent is echter alleen bedoeld om duidelijk te maken dat dat de term toegeschreven is aan Facebook zodat andere bedrijven niet met een soortgelijke naam op de markt kunnen komen.
In dit specifieke geval zijn de rechten van toepassing op het gebruik van het woord ‘face’ door online en sociale netwerken. Het moet dus gaan om concurrenten van Facebook.

Lamebook.com
De netwerksite is momenteel bezig met de aanpak van website Lamebook.com, een website die grappige statussen van gebruikers van sociale netwerken verzamelt.
© NU.nl